Soms heb je van die momenten dat je compleet overprikkeld raakt. Toegegeven, mij overkomt het regelmatig – zet één epische wijn voor mijn neus en ik weet niet meer waar ik het zoeken moet. Zo was het vorig jaar in Bordeaux ook jackpot.
Op dinsdag stonden we voor de deur bij Le Pin, op woensdag bij Château Mouton-Rothschild. Een groter contrast tussen de twee bestaat er niet. Ten eerste is er de locatie. Wie deze twee huizen kent, weet waarschijnlijk wel hoe Bordeaux eruit ziet.
De rivieren tekenen de streek. De Dordogne en de Garonne monden uit in de Gironde, die vervolgens eindigt (of begint?) in de Atlantische Oceaan. Le Pin is gevestigd in Pomerol aan de rechteroever (van de Dordogne) en Mouton-Rothschild ligt in Pauillac, een van de bekendste wijndorpen aan de linkeroever van de Gironde. Beide huizen en dorpjes zijn énorm beroemd. Daarover valt niet te twisten, maar het contrast zit ‘m in de classificatie.

Mouton-Rothschild in Pauillac (4) en Le Pin in Pomerol (23)
Pauillac ligt in de Médoc en de chateaux van Médoc zijn in 1855 geclassificeerd op verzoek van Napoleon. Mouton-Rothschild kwam als winnaar uit de bus, maar daarover later meer. Pomerol heeft geen classificatie. Geen classificatie, wel winnaars. Een daarvan is Le Pin, een andere is Petrus.
Winnaar
Mouton-Rothschild werd in 1855 geclassificeerd als Deuxième Grand Cru Classé en belandde dus in de tweede klasse van de Grands Crus Classés. De familie was het daar niet mee eens, maar nam het voor lief. Pas in 1922, toen Baron de Philippe de Rothschild het overnam van zijn vader, kwam daar verandering in. Na de oorlog startte hij een stevige lobby-campagne om Mouton-Rothschild te promoveren. En met succes: Mouton Rotschild verwierf in 1973 de titel Premier Grand Cru Classé. Het was daarmee de eerste échte wijziging*. Ook was de Baron de eerste in de streek die de wijnen op het chateau liet bottelen. Iets wat voorheen werd gedaan door négociants. Hij zorgde zelf voor het etiket. Vanaf 1932 wordt dat elk jaar door een andere designer vormgegeven.
*Er was in 1855 al een andere wijziging, maar dat kwam omdat ze een huis waren vergeten te benoemen, dus die telt niet.
Baronnes Philippine
In de jaren tachtig kwam Philippe’s enige kind, barones Philippine, in beeld om haar overleden vader op te volgen. Ze bouwde Mouton Cadet – betaalbare Bordeaux voor een breder publiek – verder uit en zorgde voor vernieuwing door samen te werken met partners in Californië (Opus One) en in Chili (Almaviva). Ze overleed in 2014. Haar drie kinderen – Philippe, Julien en Camille – hebben sindsdien de leiding overgenomen.
Geen van hen heb ik tijdens de rondleiding gezien. We kregen een rondleiding van één van de hostess van het chateau. Dat was heel anders bij Le Pin, waar we door de eigenaar zelf werden rondgeleid.

Van oogst tot wijn
De oogst & de wijngaarden
Zoals je verwacht bij een Grand Cru Classé worden de druiven met de hand geoogst. Meestal gebeurt dat in september, maar dat ligt natuurlijk aan het weer. De wijngaarden, 83 hectare groot, van Mouton-Rothschild liggen op een heuvel van 27 meter boven zeeniveau.
De wijngaarden zijn aangeplant met de klassieke mix van cabernet sauvignon (81%), merlot (15%), cabernet franc (3%) en petit verdot (1%). We leren dat cabernet sauvignon domineert op de linkeroever, maar dat merlot de meest aangeplante druif van de Bordeaux is. Cabernet sauvignon heeft warmte nodig en vind je vrijwel alleen op de kiezelbodems, waar het net dat beetje extra warmte kan scoren omdat de kiezels warmte vasthouden. Die kiezelbodems vind je veel in Pauillac, Margaux en Saint-Julien. Dus daar is het aandeel cab sauv hoger. Elders in Bordeaux wint merlot meestal.
Het Grand Plateau de Mouton, de heuvel van 27 meter, bestaat voor 98% uit kiezels. De ideale plek voor cabernet sauvignon, dus. Op het perceel ‘La Baronne Philippine’ staan cab sauv stokken van 120 jaar oud, ze horen bij de oudste van de streek.
Wat niet op de website staat, maar ik wel in de wijngaard ten gehore kwam is dat er sinds kort ook een rol voor carmenère weggelegd is. Carmenère komt van origine uit Bordeaux, maar is na de hele phylloxera-toestand niet opnieuw aangeplant. Het is een druivenras dat – nog meer dan cab sauv – een plantaardig karakter heeft dat minder wordt als het écht heel warm is. Niet handig in zo’n onvoorspelbaar klimaat als Bordeaux. Maar goed, we zijn inmiddels 150 jaar verder, klimaatverandering is aan en er is misschien weer plek voor carmenère in Bordeaux. Mouton-Rothschild heeft het aangeplant, maar gebruikt het nog niet in hun Grand Vin.
Van de 83 hectare is ongeveer 40% goed voor de Grand Vin. De assemblage is per jaar verschillend. Sommige plots komen altijd terug in de Grand Vin, andere nooit en een klein deel is afhankelijk van de vintage.
Wijn maken
Als de druiven binnen komen gaan ze door een laser. Alleen de beste druiven gaan door naar de volgende ronde. Ongeveer 5% blijft achter. De goedgekeurde druiven worden gekneusd en gaan het vat in. De gisting kan beginnen. Er staan 64 vaten klaar, 44 van hout en 20 van RVS, in verschillende maten. Elk perceel en elk druivenras kan apart worden gevinifieerd. De hoed wordt drie a vier keer per dag overgepompt gedurende 7 tot 10 dagen. Dat duurt ongeveer een uurtje per keer. Mind you, dit is zwaar werk.

Na de malolactische omzetting vindt de assemblage plaats en wordt de wijn overgeheveld naar barriques. Mouton Rothschild gebruikt 100% nieuw hout met een medium toasting uit de bossen van Alliers. De wijn rijpt het eerste jaar in de Grand Chai, ofwel de Grote Vatenkamer. Het voelt een beetje als een bowlingbaan. Het is immens groot – 100 meter lang en 70 meter breed. Toen Baron Philippe besloot alle wijnen op het chateau te bottelen, had hij meer ruimte nodig. Hij wilde een plek waar hij over z’n vaten heen kon kijken. Dat leidde tot de spectaculaire constructie van de Grand Chai met ruimte voor 1000 vaten zonder pilaren of andere zichtbelemmeringen.

In de Grand Chai vinden drie handelingen plaats:
- Bijvullen van het vat (i.v.m. verdamping), ongeveer drie keer per week.
- Racking, ongeveer elke drie maanden. Dit maakt filtratie overbodig.
- Klaren met eiwit. Naast het helder maken van de wijn zorgt een eiwitklaring er ook voor dat de tannines iets zachter worden.
De kelders van Mouton Rothschild
Na een jaar in de Grand Chai worden de vaten verplaatst naar de tweedejaars kelders van Mouton Rothschild. Hier blijft de wijn ongeveer een jaar rijpen voordat ‘ie wordt gebotteld.

Geen toeval
Wat opvalt, is de enorme technische precisie waarmee wordt gewerkt. Het wijnhuis is ontzettend groot, maar alles is brandschoon en ziet er keurig netjes uit. Het is me duidelijk dat hier niets aan het toeval wordt overgelaten. Naast het landgoed hebben ze een groot onderzoekscentrum en laboratorium laten bouwen. Hier worden verschillende testen uitgevoerd, bijvoorbeeld op de kurken. Zou toch knap lullig zijn als de helft van de productie besmet raakt met TCA.
Wat ik tijdens onze guided tour ontdekte, was dat Mouton niet verwijst naar schaap, nee, het is een oud-Frans woord voor heuvel. Net als Lafitte. En Cos. Weer wat geleerd. Om je op het verkeerde been te zetten, hangen er wel bijzondere lampen in de vorm van schapenkoppen in de entreehal. Blijken geen schapen te zijn, maar rammen. Baron Philip was een ram.

Dat de familie Rothschild van bijzonderheden houden, blijkt wel uit de vele kunstobjecten die we tegenkomen tijdens onze tour. Onze tour is ook niet compleet zonder een bezoek aan het museum. Museum of Wine in Art, noemen ze het zelf. Het klinkt leuker dan het is. Er staat een godsvermogen aan kunst tentoongesteld. Beelden, porselein, tiara’s – noem maar op.
Het hoogtepunt was de kamer met alle etiketten en bijbehorende moodboards van de designers. Leuk om te zien hoe die tot stand zijn gekomen.
Moment suprême
We mogen proeven! We krijgen de drie wijnen van de Rothschilds te proeven: Château Mouton-Rothschild, Château Clerc-Milon en Château d’Armailhac. Alle drie de vintage die nog in het vat zat op dat moment, 2018, maar die ze voor de gelegenheid wel even in een klein flesje hebben gegoten. Très chic!

Van zo’n jonge wijn kun je weinig zeggen. Wat opviel was de tannine structuur, die steeds rijper werd. Niet zozeer zachter – ze scoren alle drie med+ tot hoog. Bij d’Armailhac waren ze drogender, een beetje stalky, terwijl de tannines van Mouton-Rothschild rijper en daardoor minder drogend aanvoelden. Die laatste zullen veel mooier integreren als de wijn ouder wordt, verwacht ik. En het is ook logisch aangezien ze voor de Grand Vin het beste, meest rijpe fruit gebruiken.
Hopelijk proef ik ‘m over 20 jaar nog eens. En raak ik nog steeds overprikkeld.
Share:
Nu in het glas: Domaine de la Romanée-Conti La Tâche 1999
De weg naar Weinakademiker - deel 9